“Mijn 5 BFF’s, die mis ik wel hard”

20 mei 2020door Dienst Beleidsparticipatie

Wat doet een kind van 9 tijdens corona in een sociaal appartement op de 8ste verdieping? Er het beste van maken en dromen van betere tijden.

 

Amber Vekeman beleeft in haar nog prille leven volop haar negende lente en had zich die wellicht anders voorgesteld. Sedert 2013 woont ze, samen met haar broertje Jayden (2 jaar en 10 maanden) en haar ouders in de sociale hoogbouw aan de Neermeerskaai. Amber: “Onze toren, de van Beveren, telt 18 verdiepingen, eentje minder dan die van de overburen. Wij wonen op de achtste verdieping. Vanuit ons raam zie ik de zijkant van de Watersportbaan, het leeuwtje van de Delhaize, waar wij ons boodschappen doen en vooral veel auto’s en vrachtwagens. Soms is het hier toch wel erg druk, vind ik.” 
 

Wonen aan het water

Dat ze eigenlijk veel water in de buurt heeft, vertel ik haar: de Leie en de Watersportbaan. Amber knikt: “Ja, dat heb ik wel graag, want dat betekent ook veel bootjes en eendjes. Vaak neem ik mijn broertje mee en gaan we broodresten voeren voor de eenden. Of we zwaaien naar de mensen die voorbij varen. De meesten zwaaien dan eens terug. Ik ben vooral blij als de partyboot langskomt”, lacht Amber. De partyboot, vraag ik? Amber: “Ja, dat is een boot met veel mensen op en luide muziek.”
Ook trekt ze vaak naar buiten om de hond uit te laten. “Het is een husky en we hebben hem Daster genoemd”, zegt Amber. Daster? Dat klinkt mij een vreemde naam voor een hond, probeer ik. “Ho, dat is simpel hoor”, legt Amber uit. “We konden geen goeie naam voor hem bedenken en op dat moment reed er een auto voorbij van het merk Duster. We hebben van de ‘u’ een ‘a’ gemaakt en we hadden een naam voor de hond.”  
 

Spelen rond de hoogbouw

Ik wil weten of ze vriendinnen heeft in de hoogbouw en hoe dat dan gaat om met hen af te spreken. “Neem bijvoorbeeld, Mira”, begint Amber haar uitleg. “Zij is een goede vriendin van mij en woont op de 17de verdieping. Dan spreken we beneden af en gaan we eerst op het bankje zitten om wat bij te praten. Daar zien we wel altijd iets. Vandaag bijvoorbeeld stonden daar mensen die aan het dansen waren. We vonden dat eerst wat vreemd, maar hebben gewoon wat meegedaan, want dansen doe ik wel graag. Ik maak er thuis filmpjes van die ik post op tiktok. Hoewel ik toch liever zangeres wil worden. Ik ben nu vooral bezig met liedjes van Niels Destadsbader en Marco Borsato.” Ik geloof haar op haar woord en vraag haar niet om een nummer te brengen. Samen met haar vriendin speelt ze ook vaak verstoppertje of neemt ze de step mee. En een drinkbus, want van spelen krijg je dorst.

Het spelen heeft echter ook zijn beperkingen tijdens deze coronatijden, leert Amber mij. Zij is niet aangesloten bij een of andere sportclub of jeugdvereniging. Amber: “Normaal ga ik vaak met mijn broertje en ouders naar mijn mémé en neefje in Waarschoot om daar te spelen, maar dat kan nu niet. Dat vind ik wel jammer, want ik begin hen toch serieus te missen. En we kunnen ook niet gaan spelen in de Blaarmeersen. De speeltuinen zijn afgesloten en we mogen het water nog niet in. Anders trek ik, met mama en papa zo graag naar die grote glijbaan in die zwemvijver. Ik vind dat niet eerlijk, want ik zag op tv dat dit in Antwerpen wel al mag.”
 

Hunkeren naar school

Ook de school bleef twee maanden dicht, wat voor Amber veel te lang duurde. “Ik zit in de Bollekensschool, in het derde leerjaar en heb daar 5 BFF’s. Wel, die zie ik dus al de hele tijd niet meer. Net als mijn juf, die superlief is. Echt erg. Op school volg ik extra turnlessen. Ook die moet ik nu missen. Gelukkig gaat het nu veranderen. Op 1 juni is er een testdag en vanaf 5 juni mag ik terug naar school”, klinkt het opgelucht.
Van thuis les volgen vind Amber niet vanzelfsprekend. “Vooral de nieuwe leerstof is moeilijk, omdat de juf niet naast mij staat om te helpen, zoals in de klas. En we hebben thuis maar één laptop, die nogal traag is. Soms moet ik overschakelen op mijn gsm.” Op maandag en donderdag organiseert de school computerles via het programma Meet.   

Zolang binnenblijven is niets voor een kind als Amber. “We wonen hier met vier personen en een hond, wat nogal krap is. En in een appartement zit je toch maar binnen. Ik heb soms echt frisse lucht nodig. Binnen speel ik veel met mijn broertje en het is wel leuk dat ik nu zoveel samen ben met mijn ouders. Dat zijn dan de voordelen van corona.”

Ontdek de verhalen van de Gentse Raconteurs

Heb je zelf een boeiend verhaal over je wijk? Over een markant figuur, een bijzondere plek, een opmerkelijke gebeurtenis?
Deel het op dit platform. Voeg je tekst in, laad een passende foto, video of audiofragment op, duid de wijk aan (adres of locatie) en publiceer. In het aparte tabblad bovenaan vind je een handige handleiding.
Wil je zelf mee op jacht naar interessante verhalen in je wijk en als reporter aansluiten bij de Gentse Raconteurs? Contacteer dan David Slosse, telefonisch op 0475 73 04 64 of via raconteurs@stad.gent